Imker Joost maakt zich zorgen om bijensterfte op Internationale Bijendag
In dit artikel:
NIJMEGEN — Terwijl 20 mei als Internationale Bijendag wordt gevierd, is imker Joost Clevis bezorgd over stijgende bijensterfte. Clevis, actief in Nijmegen, zegt dat zijn eigen verliezen zijn toegenomen van ongeveer 5–10 procent acht jaar geleden naar momenteel 20–30 procent. Onderzoek van de Bee Foundation bevestigt dit beeld: ongeveer de helft van de Nederlandse imkers rapporteerde afgelopen winter sterfte onder volken, met een gemiddelde wintersterfte van ruim 21 procent — beduidend hoger dan vroeger.
Volgens Clevis liggen meerdere oorzaken ten grondslag aan de terugloop. De varroamijt blijft een hardnekkig probleem: deze parasiet voedt zich met bijen en verspreidt virussen, waardoor kolonies kunnen verzwakken of uitsterven zonder adequate bestrijding. Sinds kort vormt ook de Aziatische hoornaar een extra bedreiging; deze invasieve wesp jaagt op honingbijen en kan bijenkasten zwaar onder druk zetten door vliegende bijen te onderscheppen. Daarnaast speelt wintersterfte een rol, vaak als gevolg van ziektes en verzwakking die al in de zomer ontstaan. “De sterfte is een landelijke trend,” zegt Clevis.
Tussen de zorgen door toont Clevis ook waarom imkeren bijzonder werk blijft: de koningin heeft een centrale rol en kan in het seizoen duizenden eitjes per dag leggen; van ei tot uitgegroeide werkbij duurt het ongeveer 21 dagen. Bijen zijn cruciaal voor bestuiving van bloemen, gewassen en fruit; minder sterke volken betekenen niet alleen lagere honingopbrengst maar ook risico’s voor voedselproductie en biodiversiteit.
Imkers roepen mensen op om zelf bij te dragen: creëer bijvriendelijke habitat door bloemen te planten en minder te betegelen, bied gevarieerde voeding voor insecten en steun lokale imkers door hun honing te kopen of hun initiatieven te steunen. Verder zijn goede varroabehandeling, waakzaamheid voor Aziatische hoornaars en het melden van nestvondsten belangrijke stappen om verdere verliezen tegen te gaan.