Optimisme over afspraken defensie-uitbreidingen, maar zorgen blijven
In dit artikel:
Gelderland heeft als eerste provincie vorige week afspraken gemaakt met Defensie over locaties voor de militaire uitbreiding, maar het provinciebestuur blijft zowel tevreden als bezorgd. Er is steun om ruimte te geven aan de versterking van Defensie, maar er leven veel vragen over de gevolgen voor wonen, natuur, energie en mobiliteit: komt er minder ruimte voor huizenbouw, raakt het stroomnet nog voller en ontstaan op knooppunten extra verkeersproblemen?
Statenlid Maarten van der Velde (ChristenUnie) vat het dilemma samen: ruimte voor Defensie betekent minder ruimte voor andere provinciale opgaven. SGP’er Harm Jan Polinder merkt op dat de afspraken nog weinig concreet zijn; gedeputeerde Peter Drenth benadrukt dat dat vooral komt doordat Defensie zelf nog in een vroeg planningsstadium zit. Zoals Drenth het verwoordt: "Die trechter gaat van heel abstract naar steeds concreter." Verwachte maatregelen van Defensie zijn onder meer uitbreiding van de verbindingsspoorlijn bij ’t Harde, ruimte voor zwaardere munitie en meer laagvlieggebieden, plus uitbreidingen van de kazernes in Ermelo en Stroe — over die laatste verwacht de provincie komend jaar meer duidelijkheid.
De provincie maakt zich zorgen over de financiering van noodzakelijke infrastructuurverbeteringen. Ter illustratie noemt Drenth een investering van ongeveer 275 miljoen euro alleen al om het wegennet rond het knooppunt Nijkerk aan te passen. Hij vreest dat extra rijksmiddelen beperkt blijven omdat de uitvoering van een nieuwe NAVO-norm deels wordt bereikt door bestaande uitgaven anders te boeken. Tegelijk ziet Drenth economische kansen: meer banen bij Defensie en spin-off in technologie zoals drones en chips.
Gedeputeerde Drenth zegt dat Defensie verantwoordelijk is voor concrete effectanalyses; de provincie wil die monitoren en nagaan of zij zelf voldoende instrumenten heeft om effecten op natuur, leefbaarheid en infrastructuur te meten.