Scheuring dreigt in CGK: tientallen kerken overwegen afsplitsing
In dit artikel:
Binnen de Christelijk Gereformeerde Kerken (CGK) is een bitse strijd uitgebroken tussen progressieve en conservatieve leden over de toekomst van het kerkverband. Het conflict — actueel in tientallen gemeenten, met meer dan twintig CGK‑gemeenten in Gelderland — draait vooral om de vraag of vrouwen ambtsdragers mogen zijn en of homoseksuele gelovigen volwaardig mogen meedoen aan kerkelijke rituelen zoals het avondmaal. Nationaal telt de CGK ongeveer 66.000 leden; een officiële afsplitsing van meerdere kerken zou de eerste landelijke scheuring sinds de 19e eeuw betekenen.
Theoloog en predikant Arnold Huijgen noemt de situatie treurig en onnodig. Volgens hem liggen de knelpunten deels bij de synodale regels die herhaaldelijk hebben vastgesteld dat vrouwen niet tot ambtsdrager mogen worden benoemd, terwijl sommige plaatselijke gemeenten daar inmiddels van afwijken omdat zij dit niet meer kunnen rijmen met huidige opvattingen en hun bijbellezing. Ook speelt een cultureel verschil een rol: stedelijke gemeenten lopen eerder tegen veranderingen aan dan kleine dorpsgemeenten, waardoor uiteenlopende opvattingen naast elkaar bestaan.
Conservatieve gemeenten overwegen zich te verenigen en het kerkverband te verlaten als anderen de officiële regels blijven negeren. Huijgen waarschuwt dat zo’n breuk vooral verliezers oplevert: kleinere kerken kunnen hun gebouwen, predikanten of gezinnen niet meer dragen en gemeenschappen raken versnipperd. Tegelijk benadrukt hij de lange traditie binnen de CGK van elkaar niet loslaten en hoopt hij dat er uiteindelijk toch een weg terug naar verbondenheid gevonden wordt.