Deze tennisclub wil 'nooit meer naar Arnhem'
In dit artikel:
In Nijmegen groeit het tennis, vooral rond vereniging Rapiditas. Het clubteam speelt al ruim tien jaar in de eredivisie, wat publiek en spelers van buiten aantrekt — zelfs namen uit de nationale top zoals Robin Haase, Botic van de Zandschulp en Tallon Griekspoor passeerden de baan — en daarmee het speelniveau en de aantrekkingskracht van de club verhoogt. Spelers en leden zien de eredivisie als inspiratiebron voor jeugdspelers; volgens betrokkenen kan het voorbeeld van eredivisiespelers bijdragen aan de ontwikkeling van lokaal talent. Voor spelers als Stijn Paardekooper uit Den Haag biedt Rapiditas bovendien een stap omhoog in competitie en niveau.
Bestuur en trainers van Rapiditas zetten duidelijk in op lange termijn talentontwikkeling. Voorzitter Resie Hoeijmakers zegt dat de club tijd, energie en geld investeert met de ambitie om Nijmeegse talenten door te laten stromen naar het nationale niveau. Tegelijk erkent de club de beperkingen: veelbelovend talent verlaat soms de stad omdat de faciliteiten tekortschieten. Regionale concurrentie en het feit dat ouders hun kinderen vaak dichtbij huis willen laten trainen, bemoeilijken bovendien het aantrekken en behouden van spelers.
Een concrete knelpunt is het gebrek aan indoorbanen binnen een straal van circa 15 kilometer; in sommige winters kan de club weken niet buiten trainen. Trainers benadrukken dat een tennishal noodzakelijk is om een professionele trainingsaanpak mogelijk te maken, zodat talenten vaker en consistenter kunnen trainen zonder naar Arnhem te moeten uitwijken. Langs de banen klinkt dan ook een duidelijke wens: "We willen nooit meer naar Arnhem."